Groot geld gevraagd voor klimaatadaptatie

donderdag 28 november 2019

Klimaatadaptatie is nodig en dat vergt véle miljarden, maar commerciële geldschieters vinden het vaak te riskant. Een nieuw Nederlands klimaatfonds zal 160 miljoen euro overheidsgeld gebruiken om toch privaat geld aan te trekken.

In de financiële markt’, zegt Charissa Bosma, medewerkster voor klimaatfinanciering bij de Nederlandse ontwikkelingsbank FMO, ‘zijn investeringen van commerciële investeerders in zonnepanelen en windenergie de laatste jaren in een versnelling gekomen maar de commerciële investeringen in adaptatie blijven achter. Wereldwijd is er 22 miljard dollar per jaar voor adaptatieprojecten in ontwikkelingslanden, terwijl er een investeringsbehoefte is van 140 tot driehonderd miljard per jaar.’ Het blijkt uit cijfers van de Verenigde Naties. Bij projecten voor klimaatadaptatie gaat het bijvoorbeeld om klimaatslimme landbouw: zaden van gewassen die beter tegen droogte bestand zijn of training van boeren over omgang met droogte. Maar het kan ook gaan om groenprojecten, waarbij gewassen gekweekt worden die de bodem beter beluchten.  De gedachte is vooral werk met werk maken.

De gemeente Rotterdam heeft met haar nota over klimaatadapatie (zie: https://www.010duurzamestad.nl/wat-wij-doen/lopende-projecten/rotterdamse-adaptatiestra/) eenzelfde beweging gemaakt. De gemeente probeert zoveel mogelijk ontwikkelingen met betrekking tot klimaatadaptie mee te nemen. Er wordt bijvoorbeeld gebruik gemaakt van een waterplein om water tijdelijk op te vangen.

In dit kader past ook het toepassen van het zogenaamde 'social-impact bonds'. Hier gaat het bijvoorbeeld om een eigenaar van een ondergrond die zijn ondergrond exploiteert voor wateropslag in verband met klimaatadaptie. Hij zou dat mogelijk kosten efficienter kunnen dan de overheid. Bij een social-impact bond krijgt de ondernemer de investeringen die de overheid gedaan zou hebben (bijvoorbeeld aanpassing van de riolering) indien het beoogde resultaat namelijk de (tijdelijke) opslag van een bepaalde hoeveelheid water gehaald is. Daarbij moet sprake zijn van een zekere multiplier. Vaak zien we ook een kennispartner deel uitmaken van een consortium. Dat zou een ingenieursbureau zijn, maar ook een omgevingsdienst. Meer valt te vinden bij Platform31.

Tevens noemen we nog de participatie van verzekeraars in werken die ons moeten beschermen tegen schade en rampen. Dat bespaart het uitkeren van premies.

Als je meer over o.a. klimaatadapatie, de bodem en samenwerking wil weten kom dan op 12 december naar de Masterclass 'Bodem: samenwerken om te komen tot klimaatdoelen'