Besparen op gemeentelijk vastgoed

woensdag 3 juni 2015

door Paula Smits

Gemeenten in transitie: nieuwe kansen voor vastgoedmanagement

Omkeren van traditioneel systeemdenken zien we niet alleen in het onderwijs, de bouw, de zorg, energie- en voedselvoorziening, maar ook in de vastgoedsector.
Deze beweging is van onderop begonnen bij kleine groepen burgers, uit protest tegen de falende overheid, malversaties bij banken en projectontwikkelaars, verspilling van energiebronnen of de schrijnende gevolgen van doorgeslagen bezuinigingsdrift in zorg en onderwijs.
De transitie van complexe systemen gaat in schokken en duurt soms tientallen jaren. De zittende macht verzet zich hevig totdat een kantelpunt ontstaat en de ‘bovenmacht’ langzaam afbrokkelt. Zij maakt piepend en knarsend uiteindelijk plaats voor een nieuw regime, een nieuwe orde.

Vandaag, op de PROVADA, werd op diverse plaatsen op boeiende wijze gedebatteerd over de nieuwe rol die aannemers, architecten, adviseurs en ontwikkelaars zich aanmeten in deze nieuwe vastgoedorde. Dat betekent het daadwerkelijk in elkaar schuiven van losse gestapelde blokken met de kernbehoefte als middelpunt, in plaats van eigenstandig bezig zijn met je eigen product.

Ook gemeenten kwamen uitgebreid aan bod. Zij faciliteren nu in plaats van dat zij zelf de boer op gaan. Niet eerder was dit nieuwe denken naar mijn mening zo algemeen aanwezig als op deze PROVADA. Met een heuse ‘kanteldenker’ als Jan Willem van de Groep, die de gevestigde orde op zijn eigen wijze wakker schudt om de vertragingen in het duurzaamheidsconvenant aan de kaak te stellen. Geen klanten meer verleiden om mee te doen, nee gewoon opleggen welk doel bereikt moet worden en met elkaar de duurzaamheidsafspraken op het beslissende moment doorvoeren. Een radicale aanpak dus.

Professionele vastgoedmanagers die werkzaam zijn in gemeenten pleiten al jaren voor een geheel andere aanpak van vastgoedbeheer. Centraal en transparant organiseren, heldere financiële en maatschappelijke prestatieafspraken en afstoten wat je niet meer nodig hebt. Dat stuit op groot verzet bij de gevestigde politieke systemen. Immers, de achterban wil alles bij het oude houden, zo lijkt het. Mij valt op dat de burger best wat wil inleveren. Maar overleggen kost tijd. En knopen doorhaken is moeilijk. Gemeenten hebben haast om hun bezuinigingsdoelstellingen te halen. Bestuurders vinden het lastig om in de wijk te vertellen dat het oude voorzieningenniveau zijn langste tijd gehad heeft.

De manier om dit tegemoet te treden is integraal samenwerken om de werkelijke behoefte aan dorpshuizen, bibliotheken en andere voorzieningen in kaart te brengen. En burgers te stimuleren initiatief te tonen en te vragen wat zij zelf kunnen bijdragen om de benodigde gebouwen in stand te houden. De roep om nieuwbouw afhouden, en eerst kijken wat we al hebben aan vastgoed. Welke slimme functies kunnen we samenvoegen in een gebouw, en wat is er concreet nodig om maatschappelijke voorzieningen te behouden? Wat hebben we daar financieel gezien voor over als gemeente?

Transformatie van bestaande gebouwen gaat pas serieus van start wanneer ook een gemeente aan tafel gaat zitten en denkt in kansen in plaats van belemmeringen. Zo zijn er gemeenten die maandelijks  in hun managementteam zich de korte vraag stellen: zijn er ernstige bezwaren om deze herbestemming van vastgoed te blokkeren? Het antwoord is nog korter en krachtiger ‘ja’ of ‘nee’. Weg met ellenlange bureaucratische procedures over vier verschillende afdelingen heen. Gewoon van hogerhand direct aangeven of je het ziet zitten of niet. De ambtenaren voeren dat vervolgens zo goed mogelijk uit en ruimen eventuele hindernissen onderweg op. Over omdenken gesproken!

Vastgoedmanagers nieuwe stijl zijn naar mijn mening onmisbaar om te brug te slaan tussen het bereiken van integrale samenwerking en een gezond evenwicht tussen financieel en maatschappelijk rendement. Laten zien wat het kost, en wat het opbrengt; ook de opbrengst voor burger en maatschappij. Het is uiteindelijk aan het gemeentebestuur om die keuze te maken. Niet met de botte bezuinigingsbijl, maar op basis van de nuchtere cijfers en een debat over het maatschappelijk nut van de voorziening. Dat vraagt om politieke moed en lef. Geen gemakkelijke discussie, maar in het kader van de transitie van maatschappelijk vastgoed wel een broodnodige. Vastgoedmanagers leveren daar, al lang voordat het transitiemanagement het levenslicht zag, al jaren hun constante bijdrage aan.

Bij Scobe Academy krijgen cursisten de kans én de tijd om met toonaangevende vakspecialisten in te gaan op de nieuwste ontwikkelingen in gemeentelijk vastgoedmanagement en in gesprek te gaan met elkaar over dilemma’s, kansen en transitie. Deze unieke verdiepingscursus beslaat de volle breedte van het gemeentelijk vastgoed en is in die integraliteit uniek. In vier dagen wordt aandacht gegeven aan de dagelijkse praktijk van de vastgoedmanager. Het gevarieerde programma is hieronder opgenomen.